Posts tonen met het label huis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label huis. Alle posts tonen

maandag 3 september 2012

Terug

Ruim vijf weken geleden is onze karavaan (bedden, speelgoed, kinderen, gaarkeuken, kleren voor alle seizoenen, handelswaar en wat dies meer zij, met een totale lengte van 17 meter) vertrokken voor een grondige zwerftocht in het frisse veilige Noorden. Hedenochtend kwam de hele handel, minus de handel, de Povlakte weer binnenrollen. Het regende en dat mag hier een wonder heten, maar heeft wat ons betreft meer te maken met uitstekende timing onzerzijds. De hondsdagen zijn voorbij.

Het regende op dorre velden en uitgeputte bomen, en het regende ook op de aardbevingstenten. De streek is nog altijd deerlijk gekwetst, met vele open wonden die maar net een noodverbandje hebben gekregen, gespalkte breuken en hier en daar al wat redelijk stevig littekenweefsel.
Oeps. Ik ben een beetje uitgeschoten met de medische beeldspraak. Maar het is toch echt wat in je opkomt als je het rampgebied doorkruist.

De auto's staan gelukkig alweer pal naast de gebouwen geparkeerd: een goed teken. Ons huis staat nog immer fier overeind en heeft ons warm verwelkomd. En wellicht gaan eind oktober zelfs de scholen weer open.

Fijn dat ik er weer ben.




woensdag 13 juni 2012

Tussenstand

Op ons erf is het wel érg gezellig, de laatste tijd.

Het is een komen en gaan van gasten die geheel onbedoeld ramptoeristen zijn geworden, van appartementbewoners die plots de geneugten van het platteland hebben ontdekt, van verse daklozen die zich met geen stok naar de officiële staatstentenkampen laten jagen. Mijn extra grote pannen bewijzen goede diensten.

De kinderen zijn geheel losgeslagen, moeder is aan de drank en de buitenboel wordt prachtig mooi sinds de kasteelheer in het tuinhuisje woont en overal zijn geredde exotische planten uitstalt.

We zijn zelfs een geëvacueerde kloek rijker en achttien (!) aanbiddelijke donskuikens. De gedachte aan het bloedbad waartoe deze pluimveesituatie op termijn onvermijdelijk zal leiden, schuif ik nog maar wat voor me uit.

Want ja, de toekomst is tóch al een beetje vaag.


dinsdag 12 juni 2012

Gli sfollati



dichterlijke dinsdag


Het zijn uiteindelijk maar spullen.
Het linnengoed en oma's bed,
jouw trouwpak, het servies voor net,
die kast met die barokke krullen.

Een huis, wat is een huis nu waard?
Huil er niet om, het was oud.
Een bende stenen en wat hout,
een voordeur en een open haard.

Het was alleen ons leven maar.

Er ligt vast wel een ander klaar.



woensdag 30 mei 2012

Losse schroeven

Ons huis.

Dat oude boerenhuis waar we zo lang met zo veel inspanning aan hebben verbeterd en verbouwd. Het groeide om ons heen naarmate we het vulden met kinderen, die nooit een ander thuis hebben gekend. Het veilige, gastvrije, aardse huis dat onze spreekwoordelijke burcht was. Het is niet meer van ons.


Het zucht, het steunt, het lijdt. Bij elke aardschok loopt het nieuwe barsten en littekens op. Bij elke beving brokkelt het verder af. Het kan ons niet meer bergen, het stoot ons uit. De kamers zijn ons al bijna vreemd geworden.

De Povlakte blijkt een onherbergzaam oord. We wachten nog af, maar de tijd kan komen dat we onder ogen moeten zien dat dit geen plaats is voor burchten. Dan starten we de woonwagen en trekken de wijde wereld in.

Alleen jammer dat de wijde wereld zo nauw lijkt, tegenwoordig.


maandag 28 mei 2012

Vibrato

Ja, nogmaals terremoto. Het heerst nogal in deze contreien.

We zijn nu acht dagen verder en de aarde trilt nog steeds. Je wordt voortdurend een soort licht gegolf gewaar. Het heeft wel iets van een groot schip waarop je de zee niet echt voelt, maar dat toch niet helemaal stabiel is onder je voeten. (Die vergelijking met de zee zal de mensen van het ontruimde dorp verderop ook wel aanspreken: hun huizen dreigen door de Povlakte voorgoed te worden verzwolgen.) Mocht je van dat gedein een beetje suffig worden, dan brengt een klinkklare schok zo om de paar uur je wel weer bij je positieven.

Veel mensen slapen al een week, vaak met het hele gezin, in hun auto die ze zo ver mogelijk van gebouwen af parkeren. Anderen hebben tenten opgezet in het verste hoekje van hun tuin en wij gebruiken ons huis overdag wel, maar brengen de nacht in de camper door. De bovenverdieping wordt gemeden als de pest. Hopelijk slijten de zenuwen (en de seismische activiteit) voordat het winter wordt. Gisteravond, bij een wat langere beving van vier op de schaal, ben ik toch maar weer even naar buiten gerend, met bijna achterlaten van een vinger achter de deurklink. Die vinger voel ik nóg, en zo zie je maar weer wat een natuurramp met je doet.

Ons eigen dorp heeft nog geluk gehad. Een aantal huizen is onbewoonbaar, maar er zijn geen echte verwoestingen. Don Ivo's kerk is gesloten en zal dat nog jaren blijven, maar staat wel overeind en de scheve toren geeft geen krimp. Tot verdriet van mijn zoon zijn de scholen ook gespaard gebleven en sinds vrijdag zelfs weer in bedrijf. Van zijn klas van zesentwintig kinderen waren er welgeteld zes aanwezig. Veel gezinnen zijn maar vast met de zomervakantie begonnen en men is massaal weggetrokken naar zee of naar de bergen, het maakt niet uit, als de grond er maar niet beeft en je 's nachts rustig slapen kan.


Het nabije kasteel, dat prachtige kasteel waar ik zoveel hemelse avonden heb beleefd en waar vrijwel mijn hele sociale en culturele leven was geconcentreerd, heeft het niet gehouden. De veertiende-eeuwse toren is afgeknapt en voorzover de rest niet is ingestort, is het geheel onbruikbaar geworden. Mijn vriend Clark, die met zijn hartelijkheid en kunstzinnigheid dit gastvrije cultuurparadijs maakte tot wat het was, is zowel dak- als brodeloos geworden. Ik kan alleen maar hopen dat hij een nieuwe mooie plek vindt (en dan niet te ver weg, anders wordt mijn leven een huisvrouwenwoestijn). Waarmee ik maar wil zeggen dat donaties, hoe bescheiden ook, onuitsprekelijk worden gewaardeerd.


zondag 27 mei 2012

Angst en beven

Als je zomaar ineens wordt wakkergeschud door een zware aardbeving, grijp je je kinderen en maak je dat je wegkomt. Dat is eigenlijk helemaal niet zo moeilijk, vooral als de combinatie halfslaap en adrenaline je een beetje goed bekomt. Tot zover is er niet echt een probleem. Je hebt het overleefd en je huis staat er nog.

Maar dan.

De naschokken. De immense en onherstelbare schade die in je onmiddellijke omgeving blijkt aangericht. De vele mensen die plotseling dakloos zijn geworden. De ontwrichting van het maatschappelijk leven. Dat iets dat voor volslagen onmogelijk werd gehouden ineens tóch is gebeurd. En vooral het onwezenlijke gevoel dat de hele wereld in één klap voorgoed is veranderd en je nu leeft in een heel nieuwe realiteit, waarin de grond onvast is en je eigen huis een bedreiging.

Onze levens zullen voortaan worden opgedeeld in vóór en ná de aardbeving. Voor de aardbeving, toen het dorp verderop nog bestond en we hier nog nooit, nóóit van liquefactie hadden gehoord. Toen we 's avonds rustig naar bed gingen met de kalme zekerheid dat het er morgen nog zou staan. Toen we onze kinderen nog gewoon naar school brachten zonder rusteloos de muren van het gebouw af te speuren naar enge barsten, en gerommel in de verte hooguit wees op een passerende vrachtwagen of een onweersbuitje.

Voor een aardbeving van 6.0 op de schaal van Richter is het nog heel goed gegaan. Zeven doden. Er mag officieel niet eens van een ramp worden gesproken, geloof ik, en de buitenlandse media zijn ons alweer vergeten. Er worden geen hulpacties op touw gezet en ja, er zijn zoveel érgere dingen.

Maar intussen is de ramp hier nog nauwelijks te overzien.






zondag 20 mei 2012

Schudden

Je maakt hier nog eens wat mee.

We werden om kwart over één al even wakker van een schokje, maar om vier uur 's ochtends lagen we ineens te hotsen in bed terwijl een regen van gruis op ons neerdaalde uit het antieke balken-en-bakstenenplafond. Met allebei anderhalf kind in ons kielzog zijn we héél fluks naar de camper op het erf verhuisd, waar we op een hoopje in het grote bed, met zijn vijven onder twee dekens, elke naschok uitstekend konden voelen. Het was ontzettend knus.

Het is nu weer licht, het blijkt 5.9 op de schaal van Richter te zijn geweest, het huis staat er nog en vanavond arriveren nieuwe gasten. Ik ga dus maar eens duchtig aan de slag met stofzuiger en matteklopper.


zondag 15 april 2012

Regen

Ja, ú zit vast ergens in een keurig geasfalteerde en afgewaterde omgeving, met een gang voorzien van mat en schoenenrek en een wasmachine met ingebouwde droger - als u al niet ergens schaterend in de tropen schaars gekleed zit te wezen.

Ik niet. Ik heb voor de deur een modderpoel en in huis overal rekken met spochtend goed dat maar niet drogen wil. De kinderen zijn er voortdurend op gespitst om naar buiten te snellen en in vijf minuten geheel doorweekt en bemodderd te raken, bij voorkeur met hun nieuwste schoenen aan, en dan éérst drie rondjes door het huis te joggen alvorens zich te laten ontdoen van slijk en druipend textiel, dat gedoemd is de komende tien dagen nat te blijven. Het begint hier al een beetje muf te ruiken.

Dus mocht u zich hebben afgevraagd waar ik uithang - ik zit onder dat Italiaanse lagedrukgebied. De was te wapperen.

dinsdag 13 maart 2012

Voorjaar

dichterlijke dinsdag


De oorlog over, de tuin in volle bloei,
de jongelieden eindelijk getrouwd.
Van oude stenen weer een huis gebouwd:
op de groei.

Zij lacht en zet nu schone borden
in het rek.
De verse geur van brood, en van een
nieuw vertrek.




vrijdag 9 maart 2012

Op de vlakte

Trouw nóóit een Italiaan.

Als het dan toch zo nodig moet, neem dan een Toscaan. Of een Liguriër. Een Romein desnoods, of een Milanees, als je van grote steden houdt. Maar houd die jongens van de vlakte van je lijf.

Ik heb een Italiaan zonder schilderachtige vergezichten. Geen glooiende landschappen met eeuwenoude olijfbomen, geen ommuurde stadjes op heuveltoppen of zelfs maar uitzicht op een azuren baai. Ik moet het doen met greppels en sloten, ruige worsten, zware klei en Lambrusco.

Rond mijn huis strekt zich de pianura uit, beklemmend vlak, waar de horizon het altijd verliest van de hardnekkige nevel waaraan dit vochtige land zo rijk is. Om dit landschap te beminnen, moet je er zijn opgegroeid. En dan nog.
De winters zijn hier mistig en modderig, de zomers heet en en vaak ondraaglijk drukkend, met onweersbuien van bijbelse proporties als enig soelaas.


Maar... er zijn die paar weken in de lente of de nazomer, dat alles opklaart en wegtrekt, de hemel hoog en blauw is, en alles nog best meevalt, als je het goed bekijkt. In de verte kun je de Apennijnen duidelijk zien liggen.


Het wordt avond. Onder de bloeiende acacia's op het erf kijken we een beetje naar de vleermuizen en onze borghetto, die eens een bouwval was.


En het nietsdoen is zoet.








dinsdag 28 februari 2012

Voorjaarsschoonmaak


dichterlijke dinsdag


 
Die lei, die moet vandaag nog schoon.
Ik boen, ik schrob, ik schuur, ik sop.
Ik zit niet bij de pakken neer,
Ik pak ze uit! Ik berg ze op!

De stallen worden uitgemest.
Ik stoom me warm, ik was me koud.
Het sist, het schuimt, het reinigt, ruimt.
Op alle slakken leg ik zout.

Zo veeg ik fiks mijn straatje schoon.
Alleen... die beerput staart me naar -
Die riekt, die walmt, en gist, en galmt -

Zand erover! Het is klaar.